Wij zijn bofkonten. Wij wonen namelijk in het Vechtdal. En dat is niet zomaar een Vechtdal, dat is een fantastisch mooi Vechtdal. Dat heeft wethouder Alwin te Rietstap zelf gezegd in een filmpje van Ruimte voor de Vecht. En niet één keer, nee, hij wilde ons er echt van laten doordringen dat het hier geweldig is.

Dat is het ook, maar niet voor iedereen. En niet altijd. Voor de inwoners van Baalder bijvoorbeeld die via raadslid Bakker van OpKoers hebben geklaagd over de enorme vervuiling van het Kruserbrinkpark door ganzenpoep. Moeders die met hun kinderwagens en loslopend kroost een bezoekje aan het park brengen zijn na afloop minstens een half uur kwijt aan het reinigen van het vervoermiddel, het vullen van de wasmachine met de kleding van de peuters en het met behulp van groene zeep en staalborstel weer wat toonbaar maken van de kleintjes zelf.

En wat was de reactie van de gemeente op de vragen van het raadslid?
Het college is bereid om wat vaker de paden te laten vegen. Wekelijks zelfs. Dat moet de grootste overlast tegengaan. Maar B&W zien geen aanleiding om actief het aantal ganzen op diervriendelijke manier terug te dringen.
Als ze nou nog hadden geschreven: “wij zien geen kans…” dan was het begrijpelijk geweest, want vergassen, vergiftigen of neerknallen zijn wel bruikbare middelen maar niet diervriendelijk. Maar nu ze schrijven: “wij zien geen aanleiding….” dan hebben ze het niet echt begrepen. Die aanleiding is er namelijk wel, namelijk een enorme berg ganzenpoep die je de lust ontneemt om door het park te lopen of de grasveldjes te betreden.
Het lijkt mij een goed idee voor de Wijkvereniging Baalder om bij een volgend bezoek van B&W aan Baalder het college een wandeling door het park te laten maken. Op sandalen.

Het Vechtdal is ook minder mooi voor enkele bezoekers van een camping aan de Grote Beltenweg. Daar heeft voor de tweede keer een zedendelict plaatsgevonden met een kind (en dat kan variëren van je piemel laten zien tot verkrachting). Verschrikkelijk voor alle betrokkenen: de kinderen, de ouders, de campingeigenaars. Gelukkig gooit De Stentor nog wat olie op het vuur door boven een artikel de kop te plaatsen: “Leegloop op camping na nieuw zedenincident in Rheeze?” De Engelse Daily Mirror en het Duitse Bild zouden er trots op zijn geweest.

Wél weer blij dat ze niet alleen in het Vechtdal wonen maar er ook aan de slag kunnen, is het waterschap Vechtstromen. Er moet gewerkt worden aan het noordelijk deel van het Vechtpark, de Baalder uiterwaarden. Bedoeld om de rivier wat meer ruimte te geven als er veel water uit Duitsland de grens passeert en je creëert meteen wat natte natuur, waar weidevogels hun lol op kunnen. De Nederlandse Vakbond Pluimveehouders (NVP) in de gordijnen, want er zouden ganzen en eenden kunnen komen die weer vatbaar zijn voor vogelgriep, wat weer gevaar kan opleveren voor de kippen van kippenboeren. Enfin, lang verhaal kort: de Raad van State besloot deze week dat het waterschap gewoon kan beginnen, want de NVP heeft niet kunnen aantonen dat de kippenboeren er last van zullen hebben. Bovendien zitten de bedrijven waar de kippen loslopen op meer dan 5 km afstand. Voordat het hoogwaterseizoen begint mag het waterschap aan de slag, besloot de rechter van de Raad van State, die toen nog niet kon weten dat op sommige plekken in ons land het hoogwaterseizoen al wat eerder en wat forser was begonnen.

Van dat laatste hebben we – in tegenstelling tot vroeger – in het Vechtdal geen last meer. En dus zijn we toch bofkonten, precies zoals Te Rietstap aangaf.