“Poffers boort inwoners Baalder voetpad naar de Vecht door de neus.”
Het zou een kop kunnen zijn in het AD of de Telegraaf. Misschien zelfs van de Stentor.
Zeker van de Stentor, want daar houden ze van drama. En het is een regionaal onderwerp: de vernatting van de uiterwaarden langs de Vecht in Hardenberg-Baalder.

Er zit een kern van waarheid in deze niet-bestaande krantenkop. Afgelopen dinsdag werd het onderwerp besproken tijdens de gemeenteraadsvergadering. De Vecht moet wat ruimte krijgen, er moeten wat natte gebieden ontstaan en op bepaalde stukken moet ook landbouw mogelijk zijn.

Raadslid Wim Kloekhorst had een motie voorbereid waarbij hij B&W vroeg te onderzoeken, of er een onverhard pad aangelegd kan worden van Baalder naar de Vecht. Precies tussen het landbouwgebied en het natuurterrein. Dat zei hij niet zomaar, want hij woont in Baalder en weet dat in zomerse perioden mensen dwars door de weilanden naar de rivier lopen.

Natuurman Johan Poffers had even daarvoor, als betrokken burger, zijn zegje mogen doen. Hij vond het voorstel niks. Van juli tot eind april verblijven zo’n 250 tot 500 wulpen in de Baalder uiterwaarden. Ongeveer, want hij kijkt niet op een paar honderd exemplaren meer of minder. De wulp en andere weidevogels krijgen er een mooi foerageergebied bij en zo’n onverhard pad verstoort de rust. Er komt straks een heel eind verderop misschien een pad, de N34 zit in de buurt, de Kellerlaan loopt langs het gebied, de Vecht wordt steeds drukker bevaren nu het haventje in Hardenberg bijna klaar is, maar een zandpad met een paar inwoners van Baalder die naar de Vecht lopen verstoort de rust.

Wat kan dan wel? Zet er fruitbomen neer en een uitkijktoren, opperde Poffers. Raadslid Jonkhans viel bijna in katzwijm van dit voorstel: geweldig, fantastisch, als Kloekhorst het pad wilde inwisselen voor een toren kreeg hij Jonkhans mee.
De rest van de raad wist niet zo goed wat ze met het idee moest doen. De een gaf toe dat hij niet wist wat een wulp was, de ander vroeg of je wel een besluit kon nemen over andermans grond (die had de motie niet goed gelezen want daarin werd gevraagd bij het waterschap aan te dringen op aanleg) en weer een ander had er geen verstand van maar vond dat je Poffers als natuurkenner maar moest geloven.

En Kloekhorst dan, omarmde hij het idee van Poffers? “De afstand van Baalder naar de Vecht wordt er niet anders door als je fruitbomen en een uitkijktoren plaats”, gaf hij terecht aan. De inwoners van Baalder willen de Vecht beleven en niet vanuit een torentje naar wulpen en kieviten koekeloeren. De raadsleden begrepen het verschil niet. Wel wilde wethouder Te Rietstap kijken of ergens buiten het plangebied nog een pad aangelegd kan worden. Maar dat is surrogaat. En dus zullen de Baalder jongeren zomers weer door weilanden en de vogelgebieden naar de Vecht banjeren. Met dank aan Poffers en aan raadsleden die waarschijnlijk nog nooit een stap in de uiterwaarden van Baalder hebben gezet.